"Principes werken het best
als ze niet op de proef worden gesteld..."

"Discussie, op welk vlak dan ook
gaan wij niet uit de weg..."

Indentificatieplicht

Per 1 augustus 2008 is de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (WWFT) van kracht. De WWFT integreert de verplichtingen van de Wet Identificatie bij dienstverlening (WID) en de Wet melding ongebruikelijke transacties (Wet MOT). Daarnaast bevat de wet enkele nieuwe elementen door de invoering van de Europese derde witwasrichtlijn (2005/60/EG). Het cliëntenonderzoek en de meldingsplicht vormen de kern van de WWFT. Het cliëntenonderzoek in de WWFT gaat verder dan de identificatie van de cliënt onder de oude WID. Het nieuwe cliëntenonderzoek is ‘principle-based’. Dit houdt in dat de wet niet exact voorschrijft hoe het cliënten onderzoek moet worden verricht maar tot welk resultaat het onderzoek moet leiden. De in het kader van het cliëntenonderzoek kunt afstemmen op het risico op witwassen of terrorismefinanciering van een bepaalde cliënt, zakelijke relatie, product of transactie.

Diensten verleend door advocaten, notarissen en belastingadviseurs vallen niet onder de werking van de WWFT als zij voor een cliënt werkzaamheden verrichten om de rechtspositie te bepalen, bij vertegenwoordiging of verdediging in rechte, advisering voor, tijdens en na een rechtsgeding of bij advies over het instellen of vermijden van een rechtsgeding. In het kader van het bepalen van de rechtspositie van de cliënt, kan een advocaat een zogenoemd ‘verkennend gesprek’ met de cliënt voeren. Op dit gesprek rust geen meldingsplicht. Indien uit dit gesprek blijkt dat de dienstverlening betrekking zal hebben op de vertegenwoordiging en verdediging van de cliënt in rechte, het geven van advies voor, tijdens en na een rechtsgeding of het geven van advies over het instellen of vermijden van een rechtsgeding, dan is de WWFT niet van toepassing.

Van Dinter Advocaten zal haar cliënten vragen naar identiteitsgegevens alvorens met dienstverlening aan te vangen en deze gegevens vastleggen en bewaren. Van Dinter Advocaten zal moeten vast stellen of de opgeven identiteit overeenkomt met de werkelijke door middel van o.a.:

  • Natuurlijke persoon: paspoort, rijbewijs, identiteitskaart.
  • NL rechtspersoon: uittreksel handelsregister.
  • Buitenlandse rechtspersoon vestiging in NL: uittreksel handelsregister.
  • Buitenlandse rechtspersoon geen vestiging in NL: betrouwbare en in het Internationaal verkeer gebruikelijke documenten, gegevens of inlichtingen.

Indien de cliënt een rechtspersoon is dan dient de UBO vast gesteld te worden en de identiteit geverifieerd te worden. De UBO is een natuurlijk persoon die meer dan 25% van de aandelen of stemrechten kan uitoefenen of de begunstigde van 25% of meer van het vermogen van een stichting of trust. Een onderzoek naar de zeggenschaps -en eigendomsstructuur van de cliënt hoort daar bij. Bij cliënten uit het buitenland die aangemerkt worden als politiek prominente personen (politically exposed persons) dient een aanvullend onderzoek ingesteld te worden.